Doorgaan naar hoofdcontent

Berichten

LEES OOK

GEHOORD. En of ze het slechter hebben dan onze generatie? De discussie liep hoog op...

Recente berichten

GEDACHT. Uit het bed geklapt: is het een kwestie van lef of van een je m' en fous?

De gedachte eraan  heeft ons 's avonds nog nooit tegengehouden. Het zou een kwestie van lef, van overmoed, van arrogantie kunnen zijn, natuurlijk. Maar nader beschouwd, overschot aan lef hebben wij doorgaans niet, aan overmoed durven we ons al eens een enkele keer bezondigen en over arrogantie laten we het oordeel aan anderen over.
Maar de wetenschap dat het gros van de mensen om het leven komt - of om het neutraler uit te drukken - sterft in bed, heeft ons nog nooit verhinderd om er 's avonds vrij complexloos in te duiken om er binnen de kortste keren weg te zinken in een diepe, soms heel diepe slaap.
En het gebeurt maar zelden dat we 's ochtends onszelf verrassen met het feit dat we net wakker werden.
GEVAARLIJK En toch... het blijft een bijzonder gevaarlijke plek, dat bed, als we de cijfers mogen geloven: 97  procent van de mensen gaat dus wel dood in bed.Het is de kunst om er niet wakker van te liggen, want, naar verluidt, vergroot nog eens de anders toch al bijzonder r…

VASTGESTELD. Niet zozeer aan zijn wreedheid, maar aan het unieke karakter van de 'peerdekoers' ontleenden wij uitstraling...

Het was tweemaal niets, eigenlijk. Twee keer twee rondes liepen ze. Er kwam al eens een paard met sulky in een gracht terecht, er gingen er ook wel eens tegen de vlakte. Tot dagen na de koers konden wij dan tussen de ribbeltjes van het straatbeton stukjes gedroogde paardenhuid lospeuteren. Net zoals we in de bochten, waar het beton in asfalt overging, de lange witte strepen telden die de hoefijzers van een uitglijdend paard erop hadden achtergelaten. Het spectaculairst waren de strepen die over de hele lengte breder uit mekaar liepen: dat was het soort van litteken dat niet alleen een spectaculaire, maar zeker ook bijzonder pijnlijke val van een paard verried. Als het niet al te veel had geregend na de koers, konden wij het verloop ervan tot een week na de koers lezen op het asfalt.
We waren experts op dat vlak. Unieke experts, aangezien de koers - zo'n paardenwedren op de openbare weg - uniek was.
GROTEMANSKLAP Bovendien kregen we vrij op school. Op de lagere school was dat eviden…

BEWONDERD. Ons gemeentehuis werkt efficiënter en klantvriendelijker dan een hightech-bedrijf...

Ga ruim op tijd. Zo'n paspoort kan wel eens weken onderweg blijven. Zeiden ze. Waarschuwden ze. De toon waarop ze het zeiden liet weinig twijfel: een gemeentehuis is een overheidsdienst en daar weet je doorgaans wel wanneer je iets vraagt maar je weet nooit wanneer en of je antwoord krijgt.
En aldus spoedden wij ons naar ons gemeentehuis. Nog een geluk, dachten we, dat de diensten er één dag in de week tot ruim na werktijd - tot zeven uur 's avonds - toegankelijk zijn.

GEEN VUILE VINGERS Op de website kon ik op voorhand nagaan wat er nodig was om het paspoort van het koninkrijk België aan te vragen.
Maar kijk, die maandagavond liep het vlot: de pasfoto was oké, aan het afnemen van de vingerafdrukken - dat was nieuw voor me - hield ik geen vuile vingers over, het gebeurde netjes elektronisch en ik kreeg er uitleg én een vriendelijke babbel gratis bovenop. Het paspoort was niet gratis, maar behoorlijk duur (65 euro) al blijkt dat per jaar 'geldigheid'  (net geen 10 euro) …

GEZIEN. Geen avonden die meer melancholie met zich brengen dan...

... dan die van een nazomerzondag in september.
De gesprekken vallen stil, op het tafellaken hebben ze zich morsig getekend in landkaarten van wijn- en koffievlekken, de bezoekers trekken weg, de uitgesproken beloftes over later lossen in een vaag  'reken maar, we zien wel...' op.
Het licht buiten loopt leeg en voelt klam. We vermoeden een herfst om de hoek, maar kijken de andere kant op. Die van de fuchsia's die in het schamele tegenlicht de tuin tooien met minuscule lampions, waarvan we zeggen dat het Chinese zijn, hoewel we nooit eerder Chinese lampions zagen.
Een merel slaat alarm en vliegt rakelings langs het venster, de groene specht  lacht schril en vlucht, de tortels strijken neer op hun slaaptakken en houden zich gedeisd.

HERINNERING IN PUNTZAK Vanuit het niets duikt een herinnering op. Aan zondagavonden waarop ons moeder ons gezeur om frietjes-van-het-kot voor een keertje op geheel eigen wijze inwilligt. Ze bakt ze zelf, de frietjes en serveert ze ons, mijn zu…

GEZIEN. Honderden legioenen helmbossen belegeren onze dorpen...

Zie, daar staan ze, hele scharen,  rank en stram als stokken met honderden, met duizenden, in rangen van einder tot einder rij naast rij naast rij,  de wuivende helmbossen hoog in de wind en de kolven weer vol


Legioenen zijn het, ze kleuren de  velden van de akkerrand vaalgroen en houden er stommelings dag na  nacht na dag in het gelid 
in dichte drommen
de wacht 

De belegerde dorpen keren zich naar binnen en zwijgen, ze  slijpen voor valavond de messen waarmee ze in de ochtendnevel van  een vroege oktober regiment na regiment vellen en ver- hakselen tot voer voor vee dat  finaal 
kansloos
 wacht op de slachtvloer in de bloedhallen van de vrije markt.





BEZOCHT. Ochtenden. In de kraamkamer van een nieuwe dag is haast niemand meer

Er is geen kat op straat, denken we. En alsof ze ons hoorde denken, loopt een straatkat parmantig over de lege rijweg. Ze komt van nergens en loopt in draf - als op verborgen veertjes - naar nergens.
Een uitgeputte jogger strompelt voorbij. Op zijn t-shirt tekent zweet de kaart van Chili. Of is het Griekenland. We zullen het nooit weten, op zijn rug groeit Corsica, merken we..
In de verte klapt een portier van een auto dicht.

FILELOOS Een kraai strijkt neer in een boomgaard en pikt een een rotte appel mee. In het tegenlicht van de ochtendzon kleurt ie nog zwarter dan ie van nature al is. Als hij met trage, brede vleugelslag opvliegt, verbaast het ons dat hij achter zijn vleugels geen witte vliegtuigstrepen achterlaat.
Bij de bakker wacht geen file. Daarvoor zijn we een uur te vroeg. We hoeven bij de slager niet aan te schuiven. Als we over de dorpel van de krantenwinkel stappen horen we de doffe slag van de torenklok. Het is halfacht.

ZALIGE LEEGTE
De straat is leeg, we staan in de kra…